  
tekst
Marc De Bie
regie
Frank Vandenbroucke
spel
Jacques Degloire
Aquina Dewul
Isabel Matthys
Steven Van Eeckhoutte
Kathleen Claeys
Ronny Deleersnyder
Piet Ravelingien
Martin Baert
Luc D’heedene
Milo Pieters
Marina Parmentier
Trees Goeminne
Julien Van Eeckhoutte
Luc Bossuyt
Marleen Labeeuw
Gerard Kemseke
Guy Dewaele
|

2, 4, 10, 11 maart 1984 — d’Iefte
Deerlijk 1965; het belooft
een mooie dag te worden.
Maar in het herbergiergezin
Van Appels heeft men daar maar weinig oog voor; zoon André vertrekt die
dag immers als de grote favoriet naar het kampioenschap van België voor
nieuwelingen.
Moeder Zulma en zus
Marie-José komen in de voormiddag handen en voeten te kort om klanten te
bedienen en de menage te doen.
De invalide vader, Valeer,
zit gekluisterd in zijn rolstoel. Alhoewel bezorgd om André dwalen zijn
gedachten toch af. Ooit was er eens een tijd dat hij zelf koersen won
(tijdens de oorlogsjaren) Tot hij dan betrokken raakte in dat “accident”.
Vriend en dorpsfilosoof Mong
zorgt niet alleen voor heel wat leven in het achterkeukentje. Hij brengt
Valeer ook heel duidelijk aan het verstand dat het niet allemaal
supporters zijn die nu opeens wel bij hem over de vloer komen…
     
|